Psychologie

Wat is het eigenlijk precies wat ik voelde en waarom, toen ik het album Ummagumma van Pink Floyd 55 jaar geleden voor het eerst hoorde? Wat was die onmiddellijke diepgaande fascinatie met die muziek? Hieronder ga ik proberen duidelijk te maken waardoor de onbewuste herkenning kon plaatsvinden, aan de hand van een hoofdstuk uit de verzamelde werken van Carl Gustav Jung dat ik vanochtend las. Eerst is het waarschijnlijk handig wanneer ik iets vertel over de psychologische benadering van een kunstwerk, in het werk van Jung betrof het literatuur. Ik ben zo vrij geweest zijn benadering te gebruiken voor deze muziek, daar ik meen dat ik het ook daarin herken.

CG Jung onderscheidt  hier twee methodes van creëren, de psychologische en de visionaire. Voor mijn verhaal, dat toch heel beknopt moet blijven, is alleen de visionaire genoeg, mede daar ik daarin vind wat ik zoek. Wat mij direct opvalt is dat het psychologische verklaren van, in dit geval de visionaire kunst op het album Ummagumma, het om een oer visioen van chaos en duisternis gaat dat onverenigbaar zou zijn met bepaalde morele categorieën. Deze drie categorieën zijn: normen, waarden en houdingen. Normen en waarden slaan op gedrag, terwijl houding betrekking heeft op de persoon die handelt.

Laat ik beginnen met het laatste. Het handelt hier waarschijnlijk om een ervaring die onverenigbaar lijkt te zijn met de persoonlijkheid of de fictie van het bewustzijn van de componist(en). Het conflict leidt tot het onzichtbaar willen maken, het verdringen richting het onbewuste van de ervaring in kwestie. Verder ga ik hier niet omdat het herleiden van de visionaire belevenis tot de persoonlijke ervaringen  van de makers, de belevenis deze tot iets figuurlijks, een surrogaat maakt, het oer karakter verliest en het oer visioen een symptoom wordt, een psychische neurose van de maker, zeg maar, én de chaos tot een geestelijke ordening wordt herleidt. Deze verklaring keert zo terug binnen de grenzen van de geordende kosmos. Dat is uiteindelijk niet wat ik ervaarde toen ik zat te luisteren en er een heel nieuwe wereld voor mij openging. De enige ordening die ik kon onderscheiden waren de muzieknoten gespeeld op de muziekinstrumenten.

De bron van de hier gedeelde ervaring moet ernstig genomen worden al lijkt het dat het verstand zich genoodzaakt zal voelen in te grijpen in deze obscure metafysica om te voorkomen dat de wereld terugzakt in duister bijgeloof. Misschien omdat ik zo jong was en volledig openstond door mijn fascinatie, is bij mij nu juist dat laatste gebeurt. Een luisteraar die zich met de sfeer en de boodschap die verpakt zit in deze songs niet onbewust identificeert en deze dus niet begrijpt doet deze muziek waarschijnlijk af als rijke fantasie, artiestengrillen of ontspoorde dichterlijk vrijheid. Misschien zat er een meer alledaagse liefdeservaring onder bij de leden van de band of bij één van hen. De hartstocht die er achter zit is in ieder geval goed voelbaar en laat wat minder diepe geesten verloren achter. De ervaring van de maker(s) is geworden tot een echt symbool, een uitdrukking voor een onbekende werkelijkheid. Het is een feit geworden, een psychische realiteit met een even sterke waarde als een fysische realiteit, voor mij in ieder geval.

De gevoelens, de hartstocht, van zowel de leden van Pink Floyd, als die van mij liggen binnen het bewustzijn, het object van het visioen erbuiten, wat het mystiek of magisch doet aandoen. De band tussen de muziek en de band enerzijds en mij anderzijds is voor goed gesmeed, al zullen de leden van Pink Floyd daar niks van gemerkt hebben. Het gevoel dat wordt opgeroepen bij mij is dat van dingen die van nature geheim zijn. Ze zijn geheimzinnig en griezelig gemaakt, een illusie omdat ze verborgen zijn gemaakt door de ratio, het verstand. Men verbergt zich voor zulke zaken uit godvrezendheid.

De kosmos staat voor het bewustzijn, de zon en het geloof van de dag hier, terwijl de chaos staat voor de nachtelijke angst, de maan en het onbewuste. Deze spanning schept de vraag of er iets levends is aan gene zijde. Mijn ziel werd als door een poort uit het menselijke getrokken, in het boven menselijke, dat ook wel het goddelijke wordt genoemd. Dit is op negen jarige leeftijd natuurlijk een heel sterke en ingrijpende ervaring, waarvan de diepgaande gevolgen op dat moment totaal niet te overzien waren. Was het een truc van het onbewuste om op deze dreigende en onheilspellende manier mij een voorteken te geven dat er wat gaat gebeuren?

De wetten, moreel en praktisch, die de mens verzonnen heeft om ons te beschermen tegen de waanzin uit vrees voor de metafysica, het eeuwige vuur Gods, dat hier misschien te dicht benaderd wordt, vallen hier weg en houden geen stand in dit nog jonge brein van mij. De schoonheid van deze duisternis was  voor mij zo ontzagwekkend en alles omvattend, dat het was als een openbaring van een nieuwe onbekende religie. Dit is wat mijn fascinatie omhoog deed stromen uit de diepste bron van mijn zijn, mijn onbewuste en zijn archetypen. De fascinatie ligt besloten in de ervaring én in de bron en is daar nog steeds, nu bijna 55 jaar later.

Read more

Als man – de liefde van vrouwen is voor zover deze afwijkt van zo’n ander kaliber, dat ik deze hier graag buiten beschouwing laat – heb je nog steeds meerdere keuzes in de westerse wereld, om de liefde die je hebt te richten op verschillende doelen. Daarbij leert de ervaring dat het liefhebben van meerdere voorwerpen of onderwerpen al gauw tot onoverbrugbare spanningen leidt. Enerzijds omdat passies vaak een enorme hoeveelheid tijd, energie en concentratie vragen. Anderzijds omdat het object of voorwerp van de liefde meestal geen genoegen neemt met een gedeelde , laat staan tweede plaats.

Wat zijn dan die keuzes? Laten we volledigheidshalve beginnen met de meest superficiële zoals geld, carrière en bezittingen om het bezitten. Een man kan echter ook gegrepen worden door een interesse wat dan soms uitmondt in passie voor kunst, wetenschap, muziek of sport. Dit leidt vaak al als vanzelf tot een wat monomane instelling. Echter, een man kan ook totaal in beslag worden genomen door de liefde voor een vrouw of tot God. Hierin blijken zich  ook weer verschillende mogelijkheden voor te doen. Ik zou hier niet direct willen spreken van keuzes, al wordt het dat uiteindelijk wel wanneer de onderhavige liefde zich nestelt in het hart of brein van de man in kwestie.

Een man zijn liefde voor een vrouw of man kan seksueel ingegeven zijn, of een andere uiterlijke reden bezitten. Hij kan dan zelfs besluiten zich voorgoed of zo lang mogelijk aan die ene vrouw te binden in een huwelijk. Deze liefde is er een die we werelds zouden kunnen noemen. Op internet zag ik een definitie van hoofse liefde die dit als kenmerk omschreef. De hoofse liefde is mijn inziens een heel andere en wel een liefde die hier vooral bekend is uit de middeleeuwen en toen ook zijn hoogtijdagen leek te beleven.

De hoofse liefde van een man is mijns inziens de liefde tot een vrouw – ik ben nog nooit hoofse liefde van man tot man tegengekomen, of het moet de Griekse eros zijn –  ontdaan van de meer aardse belevingen. Het was de liefde van een ridder voor een, vaak getrouwde jonkvrouw. Het object van de  liefde is bij voorkeur om een of meerdere reden enigszins of totaal onbereikbaar. Het, noodzakelijkerwijze soms, afzien  van de seksuele component van de liefde, of in ieder geval de coïtus brengt een verhoogde, gekanaliseerde en gesublimeerde libido met zich mee die uiteindelijk alle niveaus waarop deze liefde zich afspeelt penetreert en of assimileert. Deze liefde kent natuurlijk vele conventies , maar wat toch wel het meest opvalt is de hoegenaamd onbaatzuchtigheid ervan, al vermoed ik dat ook daar grenzen aan zitten. Deze liefde komt vooral tot ons, gewone stervelingen, in een schier onuitputtelijke hoeveelheid poëzie, door vele eeuwen heen. Bekende dichters zijn natuurlijk William Shakespeare en sir Philip Sydney, maar eer zijn er teveel om op te noemen. Bekend zijn natuurlijk de verhalen over  Tristan en Isolde, Romeo en Julia en Lancelot en Guinevere. Dichten is natuurlijk dé kunstzinnige uiting van passie door liefde. Zie ook bijvoorbeeld het Hooglied van Salomo en de Psalmen van Koning David.

De liefde tot God en Zijn liefde lijken zich meestal op een heel ander niveau af te spelen. Het is een liefde die net als alle andere vormen wereldwijd verbreid is, al zal menigeen daar anders over denken, omdat zijn of haar God de enige is en niet gedeeld kan worden met een volk of religie met een andere naam. Anderzijds is de gedachte dat God niet bestaat alom tegenwoordig. De liefde tot God is enerzijds de profane, die van de gemeente of kudde en anderzijds de sacrale van priesters en de vele andere hoedanigheden van ingewijden. Bekend voorbeeld van alles opofferende liefde tot God is natuurlijk de Bijbelvertelling van Johannes de Doper en zijn devotie, wat ook liefde is, tot Jezus. Deze liefde gaat eveneens met grote offers gepaard, al is het offer hier waar het om draait en niet het gevolg van de liefde zoals bij bijvoorbeeld hoofse liefde. Het offer dat Jezus bracht is een voorbeeld tot waar ultieme liefde toe kan leiden. Om reden van beknoptheid wil ik het hier even bij laten., maar ik hoop hier op terug te komen.

Read more

Een groep wordt omschreven als een verzameling van twee of meer personen die met elkaar omgaan omdat zij zichzelf of een deel van zichzelf in elkaar herkennen of omdat zij een gemeenschappelijk doel nastreven. Niet onbelangrijk is de idee of het gevoel bij de groep te horen en door haar geaccepteerd te worden. De groep als geheel heeft een identiteit in haar perceptie en in de perceptie van de anderen buiten de groep.

Deel hebben aan een groep wordt door de groep zelf, maar ook in het algemeen gezien als het hoogste goed. Het opereren met als oogmerk het gemeenschappelijke doel en samen gaan voor dat doel en daarvoor offers brengen wordt gezien als karakter vormend.

Een voetbal team is misschien een mooi voorbeeld. Een team wordt wel omschreven als de hechte samenwerking van een geheel waarbinnen de kwaliteiten van de, in dit geval individuele spelers, gewaardeerd worden voor wat ze zijn, als nut voor het grotere geheel en het streven van de groep, het team. Wat samenvalt met zoveel mogelijk wedstrijden winnen en zo hoog mogelijk in de competitie waarin men speelt eindigen, in ieder geval wanneer er sprake is van betaald voetbal.

In onze collectieve maatschappij is het individu ondergeschikt aan het belang van de staat, kerk, vereniging of het bedrijf waarbinnen men zich, onverhoopt soms, mag bevinden. Voor andersdenkenden is niet of nauwelijks plek. Een eigen standpunt innemen of visie ontwikkelen wordt al gauw als bedreigend voor het collectief ervaren en moet toch eigenlijk wel de kop in worden gedrukt. Goedschiks of kwaadschiks. Ook binnen een vriendkring zie je deze dynamiek.

Een werkelijk authentieke persoonlijke individuele ontwikkeling is een zich losscheuren van de omgeving of het web waarin men zich bevindt. Het is een strijd die nooit gestreden lijkt en een eenzame weg, wanneer men zich niet bevindt in een groep gelijkgestemde individuen.

Veel mensen in deze tijd hebben een aangeboren gen lijkt het wel voor saamhorigheid en het ondergeschikt maken van de eigen belangen, de individuele ontwikkeling in dit geval, en zijn bereidt zich vergaande te conformeren aan de heersende mores. In ieder geval tot de bom een keer barst. Soms blijkt het genoeg te zijn en maakt iemand of een groep zich los van het grotere geheel, wat kan leiden tot kafkaiaanse situaties met soms ernstige, bedreigende, situaties. Niet in de laatste plaats voor de opstandeling(en).

Het ideaal van de groep, de vrijheid van allen of in ieder geval het grotere of hogere algemeen belang kan dus ook als zeer benauwend, onvrij en beperkend worden ervaren. Het grotere goed ligt echter voor sommige, zo niet velen, toch in het nastreven van persoonlijke idealen, al dan niet binnen of buiten het geheel van conventies of door anderen overeengekomen afspraken. Het lijkt of het ideaal van de groep langzaam afbrokkelt of dat de Inclusiviteit van groepen steeds beperkter wordt.

Read more

Verlangen dan, is in mijn geval nog al eens óf de wortel van hebzucht óf de spruit ervan en leidt bedroevend vaak tot frustraties en uiteindelijk woede. Ik bedoel dit niet in het licht van de dualistische morele gespletenheid van het westerse denken, maar als ervaringsfeit. Ik ken zowel materialistische verlangens als geestelijke/spirituele verlangens. Het zijn verborgenheden die lokken.

Het is het ervaren dat er iets ontbreekt. Een gedachte, een object, een idee of voorwerp wordt ineens ontzettend belangrijk en mag en kan niet gemist worden. Ik moet en zal het hebben en het liefst direct. De wens moet vervuld worden of deze nu binnen het bereik ligt of niet, maakt niet uit. Het lijkt wel of er een bewustzijnsvernauwing plaats vindt, alsof ik blind word voor al het andere dat er wel is. Niets is meer belangrijker dan het object, de persoon of de idee waar het verlangen naar uit gaat. Zelfs het gevoel speelt een rol. Was ik eerst nog blij en of tevreden, met het nieuwe inzicht is dat alras verdwenen.

Er zijn verschillende verlangens. Zo zijn er seksuele, materiële, spirituele en  religieuze verlangens bijvoorbeeld. Komen zij allemaal uit dezelfde bron, hetzelfde (on)genoegen voort of is er verschil tussen bijvoorbeeld spirituele en materiële behoeften? Ik kan mij voorstellen dat spirituele verlangens van de ziel komen en seksuele verlangens meer lichamelijk gebonden zijn. Dat hevig verlangen naar die vrouw of man die je een keer bent tegengekomen meer een verlangen van het hart is. Waar komen materiële verlangens dan vandaan? Dat nieuwe jasje, die, misschien wel tweedehands schoenen die er zo ontzetten cool uit zien of juist heel lekker zouden kunnen zitten, waar komt dat schijnbare gemis dan vandaan? Een theorie die ik vandaag hoorde is dat het de zoektocht terug naar de moederschoot is, naar een gevoel van geborgenheid.

Volgens de Oostenrijkse psychiater Sigmund Freud, geboren voor 1900, zijn alle verlangens terug te voeren zijn op een levens drift of een doodsdrift. Carl Gustaf Jung, korte tijd zijn leerling, dacht dat er vier universele verlangens zijn, die gekoppeld aan de verschillende archetypes die de structuur uitmaken van het collectief onbewuste resulteren in verschillende types met hetzelfde verlangen, maar ieder met een eigen invulling.

Zo zijn er de zoekers naar het paradijs, naar het ultieme goede en perfecte leven. De wijze bijvoorbeeld denkt dat deze staat te bereiken is door op kennis te reflecteren en via logos een hoger zelf te vinden, of juist, zoals Alan watts betoogt, de weg van de Tao te gaan, jezelf te vinden en te worden. De rebel is een ander soort wereldverbeteraar, hij of zij gelooft in een vorm van strijd, revolutie, het omver gooien van heilige huisjes. Hij of zij schopt zichzelf als het ware vooruit achter zijn of haar verlangen aan. Dit in tegenstelling tot wat de gewone man wordt genoemd. Zijn motto is bekend: doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg. De groep is het hoogste goed, dat is waar hij of zij bij wil horen. De kunstenaar zoekt zijn heil in het scheppen om een idee van controle te krijgen.

Is dat het dan? Is verlangen dan niet meer dan een vorm van controle krijgen over iets dat er (nog) niet is? Is de vervulling van de wens en het tijdelijke gevoel van geluk dat erbij hoort dan (slechts) de idee van controle hebben? Alleen, denk ik dan, wat blijft er over nadat controle een feit is? Juist er komt een nieuw verlangen! Control is dan een verlangen! De zo hoog in het vaandel staande tevredenheid van vooral de iets oudere generaties, zo lijkt het tenminste, is ook iets tijdelijks. Blijkbaar is er een andere motor die er voor zorgt dat we blijven verlangen naar nieuwe, ander horizonten.

Read more

De toekomst is te helder, hij is te intelligent, althans dat is wat Max denkt, slechts een aantal jaar oud. Het beangstigend hem anders te zijn en niet begrepen te worden. Hij mag dan wijs zijn voor zijn leeftijd, dat is wat de volwassenen zin zijn omgeving zeggen, maar hij begrijpt niet waarom hij niet is als de andere kinderen. In de kleuterklassen, Max moet er drie jaar doorbrengen, omdat hij drie weken “te laat” geboren is, staart Max vaak naar de naastgelegen lagere school. Daar wordt het anders, daar gaan ze hem begrijpen. Iets wat hij denkt op de lagere school over de middelbare school en op de middelbare school over de academie voor beeldende kunsten en weer later over de universiteit waar hij Engels wil gaan studeren.

Eigenlijk wil Max psychologie studeren, maar hij is niet goed in wiskunde en het lukt niet dat bij te spijkeren in zijn eentje. De avondschool is een lachertje en hij besluit een collegium doctum te doen. Leren op school is altijd een probleem geweest. Max snapt niks van de leerstof of het is totaal oninteressant in zijn ogen. Thuis is hij altijd bezig in zijn eentje op zijn kamer te vinden, iedere keer met nieuwe interesses. Zelden maakt hij iets af van hetgeen hij zich zo gepassioneerd op heeft gestort. Leeg lijkt zijn toekomst wanneer Max dertien jaar oud is en de verveling is duidelijk. Hij kiest er voor een middelmatige puber te worden en zich aan te passen aan de mores op school. Dat lijkt te lukken, voor enkele jaren.

De verveling stopt wanneer Max twintig is en het nachtleven van de grote stad induikt. Ook daar wordt hij niet begrepen, maar de toekomst is helder, te helder. De mensen in zijn omgeving vertrouwen het niet. En weer denkt Max: ”ik ben te intelligent, de toekomst is te beangstigend”. Eenzaam trekt hij zich weer terug op zijn kamer, dit keer voor goed. Hij leest en schrijft veel tijdens de nachtelijke uren, wanneer het stil is en de eenzaamheid minder groot lijkt omdat er niemand is. Hij gaat te snel, te ver en stort in. Heel veel jaren van hulp, die niet echt helpt, met kleine oplevingen en groter neervallen bepalen de tijd.

Zijn pantser is groot en zijn lichaam verzuurt. Max krijgt ziektes. Het lichte dooft en alles wordt zwaarder. De dood en het kwaad krijgen vaste voet en alles lijkt verloren. Hoe heeft het toch zover  kunnen komen? De banden met het leven zijn doorgesneden, de eenheid van geest en lichaam, van natuur en zijn is verbroken. Ziek zijn blijkt heel ongezond. Toch komt er een moment dat het licht wederkeert. Van die dag af zet hij zich ten volle in wat van zijn leven te maken, al begrijpen nog steeds zeer weinigen ook maar iets van hem. Het doet natuurlijk pijn, maar hij heeft een missie. Hij leeft zijn passies en probeert zijn eigen weg te gaan. En dat doet hij nog steeds en regelmatig is Max gelukkig.

Read more

Terwijl het buiten stormt en hard regent, probeer ik rust en balans te vinden om de spirituele weg van het midden te volgen. Bipolair, een linkerhelft in het autisme spectrum en een rechterhelft in het schizofrene spectrum van het brein zijn een bijwerking van creativiteit. Creativiteit van het scheppende, materieel en psychisch leidt tot spiritualiteit. Spiritualiteit is een van de voordelen van de REM staat.

De rechterhelft, de plaats van onder andere de fantasie en emoties, als onderdeel van de grote hersenen, onderdeel van de cerebrale cortex, wordt wanneer het goed gaat gecontroleerd door het rationele, logische denken en analyseren van de linkerhelft. Het corpus collosum – de bundel van zenuwen die de hersenhelften scheidt, ook wel de hersenbalk genaamd, fungeert als een brug of als een blokkade voor de verwerking van informatie. Het schijnt dat bij autisme, dat fysiek uitgedrukt niet slechts op een plek van de hersenen gesitueerd is, maar uit grotere netwerken over langere afstanden bestaat minder banen in deze hersenbalk zichtbaar zijn. Wat eerder een gevolg dan een oorzaak van autisme zou zijn. De idee bestaat dat mensen zonder hersenbalk zouden kunnen functioneren. De twee hersenhelften kunnen dan nog steeds communiceren met elkaar en de hersenen kunnen zich normaal ontwikkelen.

Het lijkt dat er geen excuus is dus om de mogelijkheid de midden weg te bewandelen op te zoeken wanneer je je daar al niet bevindt. Bipolair betekent in de praktijk zoveel als heen en weer te waaien tussen twee uitersten, het ene moment vrolijk, gedreven en optimistisch – wat kan leiden tot een manie – en het andere moment terneergeslagen, apathisch en pessimistisch – ook wel depressie genoemd. Met moment bedoel ik een periode in tijd dat relatief is. De gemoedstoestand waarin iemand zich bevind kan een uur duren, een dag of bijvoorbeeld maanden. Iemand kan dan steeds in dezelfde gemoedstoestand blijven hangen. Een middenweg is hoe dan ook ver te zoeken.

Ook hier kan meditatie, yoga en Mindfulness helpen, naast medicatie die er natuurlijk ook is. Creatieve mensen hebben een grotere kans bipolair te worden dan minder creatieve medemensen. Creativiteit op haar beurt is weer een voorwaarde voor spiritualiteit, voor spiritueel gedrag. Spiritualiteit is bijna altijd een strijd tussen het lichte en het duistere, van twee kanten, een keuze moeten maken voor extremen lijkt het. Maar wat wanneer je de keuze niet maakt en beide laat zijn? De middenweg, de weg van de TAO. De aldus ontstane gelijkmatigheid hoeft zeker niet saai te zijn, maar kan juist een verrijking zijn en mogelijkheden tot ontwikkeling bieden die je misschien nu niet voor mogelijk houdt.

Read more

Context is alles voor sommigen. Maar wat wanneer je context ongevoelig bent of lijkt te zijn?

Hij hult zich in stilzwijgen, geen reactie, helemaal niets en hij maakt niet eens oogcontact. “Wat ben je stil, waar denk je aan? Heb ik iets verkeerds gezegd? Hij zit maar achter zijn computer, hele dagen kan hij met iets bezig zijn, onafgebroken, gefocust, maar mij ziet hij niet staan.” Komt er wel iets binnen?

Context ongevoelig, uiterlijk emotioneel en empathisch blind, maar van binnen gebeurt er van alles. “Tommy can you hear? Tommy can you see me? Tommy can you feel me?” – de rockopera Tommy laat het mooi zien. Waar hoort hij thuis, waar past hij bij?

De huizenhoge golven van gevoel van binnen, de woede, de angst, maar ook de liefde. Explosies. Prikkels, prikkels, prikkels, wat zijn het er veel! Dit is niet te doen! Was hij maar niet zo eerlijk. Eerlijk, zeg maar gerust onbehouwen, onbeschoft en ongevoelig is hij.

Sociaal onhandig is hij, nooit weet hij wat te zeggen, of hoe contact te maken en een hekel aan prietpraat heeft hij. Dingen heel letterlijk nemen, metaforen hebben geen betekenis. Veranderingen zijn uit den boze, alles heeft zijn plek, zijn tijd en zijn ritme. Houdt alles onder controle, zijn omgeving weet er alles van, met zijn geordendheid valt niet te spotten. Control freak. Maar wel heel trouw. Eén op één contact gaat het nog wel, maar met meerdere vrienden erbij is het aan het gesprek deelnemen nauwelijks te doen. Hij valt stil.

Het oog voor details is jaloers makend of toch niet? Waar is het grote plaatje? Waar is het overzicht? Waarom duurt het zo lang voor het kwartje valt?

Hij weet nog precies waar, wanneer hij welke langspeler gekocht heeft en vaak ook wat hij er voor betaalde. Muziek is een wereld apart. Een wereld waar hij tot leven komt.

Buiten de kaders kunnen denken, goed in herkennen van patronen en regelmatige structuren en een perfectionist, nauwkeurig ook. Uren kan hij ergens aan werken tot het goed genoeg is. Of …  is het wel goed genoeg?

Veel vraagtekens. Komt je dat bekend voor? Ken je zo iemand? Laat hem of haar in zijn waarde, zoek er niet teveel achter, hou het rustig. Blijf een beetje voorspelbaar als het kan en verander niet teveel, in ieder geval niet te snel. “See me, feel me, touch me”. Ben jij zo iemand? Probeer er over te praten met iemand die je vertrouwt.

Read more

De mens, zoogdieren in het algemeen, hebben de mogelijkheid tot contextueel denken ontwikkeld door bewustzijn, om te voorkomen dat teveel energie verloren gaat met het najagen van onhaalbare neigingen. Deze energiebesparing is nodig omdat ons warmbloedig lichaam veel energie nodig heeft om op een temperatuur van ongeveer 36,8 graden te blijven. Wanneer de mens of het dier bij ieder voorval zijn neiging tot reageren met een actie zou volgen zou hij gauw uitgeput zijn qua energie. Dat dit niet zomaar een mechanische reactie, maar een leerproces is bewijst o.a. het experiment met de hond van Pavlov, die door conditionering wist dat er eten komt wanneer de bel klinkt. Zo kan het gebeuren dat dieren niet zomaar handelen maar wachten tot de kust veilig is, bijvoorbeeld bij het oversteken van een drukke weg.

Uit experimenten blijkt dat de geschiedenis van ervaringen wordt opgeslagen en dat daarvan geleerd kan worden. Er is een systeem ontstaan dat de stroom van onbewuste indrukken afzet tegen gelijke opgeslagen ervaringen en deze peilt. Dit gebeurt in de hersen in de Anterieure Cingulate Gyrus, een witte ceintuur om de hersenbalk in het Limbisch systeem van de hersenen. Dit laatste wordt ook wel het zoogdierenbrein genoemd. Het zoekt uit of een prikkel bewust moet worden, waarna meestal een handeling volgt, die energie kost. Wist je trouwens dat het menselijk brein tot 20% van de dagelijkse energie-inname verbruikt?

De mens of het dier, kan, wanneer de informatie in een context is geplaatst, zelf beslissen of het het nodig vindt energie in een actie te stoppen. Maar wat gebeurt er met als emotie aangevoerde prikkel tot handelen wanneer er geen gevolg aan wordt gegeven? Wordt dat in ergens in het brein opgeslagen? Om te voorkomen dat er een enorm vat aan conflicterende impulsen ontstaat in het brein is er de REM slaap. Tijdens het dromen in de slaap worden onderdrukte impulsen uitgeleefd op een veilige manier doordat de spieren van het lichaam die de beweging uitvoeren ontspannen worden en niet kunnen reageren op de prikkels.

Het hele proces is vergelijkbaar met parallel processing van computers, die natuurlijk een afspiegeling zijn van wat er in de natuur al was, zoals veel uitvindingen. Hoe meer informatie gelijktijdig kan worden verwerkt, hoe groter het brein, wat de theorie dat grote breinen intelligenter zijn kan verklaren. Hoe meer plek om de informatie te gelijker tijd te verwerken hoe meer mogelijkheid dit af te zetten tegen de ervaringsgeschiedenis binnen een bepaalde context. Het lijkt erop dat mensen binnen het autisme spectrum dit in meer of mindere mate minder goed kunnen. Ik schijn zelf mij ergens in het autisme spectrum te bevinden en heb moeite aan te komen, sterker nog ik val heel makkelijk af. Blijkbaar verdoe ik teveel energie met het najagen van bijzaken.

Read more

Vandaag weer eens geprobeerd iets te regelen via een website op internet. Verkeerde wachtwoord, nieuw wachtwoord aangevraagd en ingevoerd. Helaas moet ik nogmaals een wachtwoord aanvragen om mij onverklaarbare redenen en daarna wordt mijn account geblokkeerd, omdat er teveel niet valide inlogpogingen zijn geweest. Een paar dagen ervoor heb ik al geprobeerd mijn vraag via de telefoon opgelost te krijgen, waarbij na twintig minuten in de wacht zitten, of eerder geïrriteerd rondlopen, tot  twee keer toe de verbinding verbroken werd.

Wat verlang ik op zulke momenten terug naar een leven in de Gouden Era, een in mijn ogen Tolkien-achtige wereld, waar ik in mijn nakie door de bossen kan rennen, terwijl de zon altijd schijnt en het leven mijn toelacht. In een pure pre-maatschappij-achtige oerstaat waarbij ik diep contact ervaar met de natuur: de bomen en planten, de dieren op de grond en in de lucht. Een animistische paradijselijke toestand waarin alles goed en weldadig is en ik niets nodig heb, behalve heerlijk helder sprankelend onbedorven bronwater en onbespoten bessen en ander fruit om van te leven.

Geen zorgen over geld, niet dat ik die nu heb, maar het hele leven lijkt er in deze era toch om te draaien, geen ziektes, geen problemen van medische of psychische aard, geen bezit, geen macht anders dan magische of mystieke. Regelmatig betrap ik mijzelf erop dat ik de wereld en de maatschappij vanuit dit vergezicht de maat neem en dan helemaal klaar ben met het huidige leven in onze westerse maatschappij. Maar ja wat kan ik doen? Ik ben niet zo’n idealist die zich terugtrekt op een afgelegen boerderij aan de rand van Nederland en zijn eigen groente gaat verbouwen. Hoewel ik een heilig respect heb voor de mens die dat wel doet.

Eigenlijk bevind ik mijzelf in een alles of niets situatie. Zwelgend in materialisme met mijn geluidsinstallatie en platenverzameling en mijn fotocamera’s proberen iets van genot te vinden in deze aardse wereld of een totale vlucht in een betere hogere metafysische wereld waar ik geen toegang tot heb. Ik denk dan dat ik misschien wel direct gereïncarneerd ben vanuit mijn eerste jagers-verzamelaarsleven, naar ongeveer halverwege eeuw waarin ik geboren ben dit keer. De overstap is te groot. Er zit niets anders op dan te wachten tot ik dood ga en misschien kan reïncarneren via de schoot van een vrouw die zo’n 14.000 jaar geleden leeft.

Read more

Verbeelding is het begin van schepping. De toegang tot imaginatie, en als gevolg daarvan universeel rationeel denken is tot ons gekomen door REM.

40.000 jaar gelden gebeurde er iets wonderlijks, dat de ontwikkeling mens, Homo sapiens,  totaal veranderd heeft. Mensen konden, ineens zo lijkt het, de REM – Rapid Eye Movement – staat ervaren terwijl ze wakker waren. Zoals je uit je dromen weet produceert REM slaap een zeer krachtige simulatie van een realiteit ervaring. Een droom kan zeer overtuigend zijn. Er is meermalen gezegd dat het leven een toneel is en zo is het ook met onze belevingen in ons brein. Je zou het brein als je eigen theater kunnen beschouwen. De plek waar het allemaal gebeurt.

Het op deze manier ontstane dagdromen 40.000 jaar geleden heeft ertoe geleid dat we kunnen nadenken over wat we ervaren, zien of ons voorstellen. Plotseling kan de mens nadenken en van gedachte wisselen over zaken als verleden, heden en toekomst. Homo sapiens kan plannen maken en de wereld veroveren door samen te werken, afspraken te maken en deze te verwezenlijken via taal, dat niet langer slechts gebruikt wordt voor het waarschuwen voor gevaar. Abstract denken wordt mogelijk en over alles kan van idee gewisseld worden. Een van de dingen die men ontdekt is dat er over de doden gesproken kan worden. Dit op zijn beurt leidt tot de vraag der vragen: wat is de zin van het leven? En is er leven na de dood?

Een andere nieuwe mogelijkheid is de ontdekking van kunst, filosofie en muziek als dragers en verbeeldingen van ervaringen. Helaas is ook de mogelijkheid tot tobben zo ontstaan, wat uiteindelijk tot psychische klachten kan leiden, waarbij het ingebeelde als realiteit wordt ervaren, zoals in een slechte droom. Gelukkig hebben we een linker hersenhelft, die er, kort door de bocht, voor zorgt dat wat de rechter hersenhelft zich voorstelt in de gaten wordt gehouden, als het goed is. Ideeën kunnen zo geanalyseerd, begrepen en in een breder (toekomstig) perspectief geplaatst worden.

De mogelijkheden lijken vooralsnog onbeperkt. Creatief zijn en scheppend bezig zijn zijn geboren.

Read more